4 geslachten uit de Gelderse Vallei en de Utrechtse Heuvelrug

4 geslachten uit de Gelderse Vallei en de Utrechtse Heuvelrug

Aelbert Thonis van Glashorst

Geboren omstreeks 1600
Overleden na 1663
Vader
Moeder
Partner Anna Jans HeintjeskampAnna Jans Heintjeskamp
∞ Aelbert Thonis van Glashorst, 1 kind
Relatie geen
Kinderen
  1. Jantgen Aelbertsen van GlashorstJantgen Aelbertsen van Glashorst
    ~ 17-11-1644 Scherpenzeel
    † < 1723
    ∞ Aris Aelbertsen van 't Willer, 09-08-1668 Bennekom, 1 kind
In 1626 wordt Aelbert Toenisz Glashorst beleend door opdracht van Wilhem Janssen Wolffswinckel met een hofstede op Glashorst. (Leenboek Huis Scherpenzeel141,fol. 163; 20-07-1626).

In 1626 wordt Aelbert Toenisz beleend na dode van zijn vader Anthonis Aelbertsz met Glashorst volgens lijftocht tussen Anthonis Aelbertsz en CuneraGoirts27-01-1613. Dubbel heergewaad (Leenboek Huis Scherpenzeel 141, fol. 164; 20-07-1626).

Van 1626-1652 wordt Aelbert Toenisz van Glashorst genoemd als leenman van Huis Scherpenzeel (Leenboek Huis Scherpenzeel 141, fol. 162vo; 20-07-1626,fol.165, 14-09-1626, fol. 166vo; 20-09-1627, fol. 185vo,186vo; 10-09-1630, fol. 182,182vo; 09-10-1630, fol. 190; 20-05-1633, fol. 194; 27-04-1633,fol.197,198; 17-06-1637, fol. 211; 26-08-1639, fol. 221vo; 03-03-1645, fol. 227vo; 1649, fol. 236vo; 02-04-1649, fol. 230; 16-11-1649, fol. 228vo;17-11-1649,fol. 232vo; 10-04-1650, fol. 235; 27-09-1650, fol. 238vo,239vo; 25-01-1652).

In 1627 wordt Aelbert Toenisz van Glashorst beleend door opdracht van Melchior Jansz, schout en Cornelis Wilhemsz, ooms en mombers van de onmondigekinderenvan zal. Marten Jansz, schout x Aeltgen Wilhemsdr, momber (van Aeltje): Jan Arrisz met "een stuck boulantz ende velts, groot omtrent viermergen mithet houtgewasch daerom staende ende anderen sijnen rechten ende toebehoren, nietz uijtgesondert, affgedeilt vande helfte van den leengoedeRoijwinckel";oost: Jan Cornelisz, zuid: Roijwinckel, west: Ebbenhorst, noord: Heintgenscamp (Leenboek Huis Scherpenzeel 141, fol. 165; 19-09-1627).

In 1627 wordt Aelbert Anthonisz van Glashorst beleend door opdracht van Jan Arrisz (Overeem) met de Haverkamp, het veentje en heetveld in Ruwinkel.Enmet twee stukken land "het eene stuck genoempt het Hoge Stuck ende het andere die Lange Camp mitsampt den wech opstreckende van Gijsbert Brantszaenhet meentvelt, als oock heijde ende weijde, hooch ende leech, wilt ende tam"; oost: het meentveld, zuid en west: Gijsbert Brantszcamp, noord:het Crommestuck.Omdat dit oorspronkelijk twee lenenzijn moet een dubbel heergewaad betaald worden. (Leenboek Huis Scherpenzeel 141, fol. 166vo; 19-09-
1627).

In 1630 wordt Aelbert Anthoenissen van Glashorst beleend door opdracht van Gertgen Gijesberts, weduwe van Derck Jordensen, momber Robbert Anthoenissen,meteen stuk bouwland van Roijwinckel genaamd het Cromstuck, dat Evert Jansz van zal. Marten Jans van Wolfswinckel, schout en Melchior Jans had gekocht,metde overeenkomst van 05-07-1625 (recht van overpad) (Leenboek Huis Scherpenzeel 141, fol. 180vo; 06-07-1630).

In 1632 eist Aelbert Anthonisz van Glashorst betaling van rogge van Gijsbert Jansz Bosch (Recht. Arch. Scherpenzeel 1, fol. 45; 12-11-1632)

In 1632 wordt Anderies van Overeem beleend door opdracht van Aelbert Tuenissen van Glashoerst met een stuk bouwland, vier morgen groot, met een stuklandgenaamd Haevercamp met het veentje en heetveld op 12-03-1624 gekocht van zal. Derck Jordensen, behorende onder de enen helft van Roijwinckel;oost:Heintgencamp, zuid: het Crommestuck, west: Ebbenhoerst, noord: Hijntgenscamp.
Nog een stuk land genaamd Croemmestuck met een uitweg over het land dat Evert Jansen gekocht heeft van Roijwinckel. Nog twee stukken land van Roijwinckelgenaamdhet Hoege stuck en de Legge camp met de weg vanaf Gijsbert Brantsen tot aan het meentveld; oost: het meenfelt, zuid en west: Gijsbert Brantsenscampen,noord: het Croemestuck. Omdat het vier lenen betreft moeten vier heergewaden betaald worden (Leenboek Huis Scherpenzeel 141, fol. 190vo; 19-11-1632).
Lidm. Scherpenzeel kerst 1633: Aelbert Thonissen Glasshorst en Anna Janssen.

In 1635 eist Willem Jansz Heijngenscamp betaling van f 200,= van zijn zwager Aelbert Antonisz Glashorst (x Anna Jans) van een haverkamp en zijn deelvanRoijwinckel uit zijn zal. vaders goed (Recht. Arch. Scherpenzeel 2, fol. 15,16; 08-12-1634. 1 fol. 54vo en 2 fol. 17vo,18; 19-01-1635).

In 1636 eist Aelbert Thonisz Glashorst eist betaling van f 100,= pacht van Willem Jansz, op Heijntgenscamp (Recht. Arch. Scherpenzeel 2, fol. 47; 21-03-1636.fol.49vo,50vo; 02-05-1636).

In 1637 eisen de erfgenamen van Jan Morren betaling van een graf in de kerk van Evert Willemsz. Dit was alvast betaald door Aelbert Thonisz en EvertJansz(Recht. Arch. Scherpenzeel 1, fol. 73 en nr. 2, fol. 62; 20-03-1637).

In 1641, 1643 en 1651 wordt Aelbert Thonisz Glashorst genoemd als schepen van Scherpenzeel (Recht. Arch. Scherpenzeel 1 en 2; 13-07-1641, 18-09-1641,06-01-1643,15-02-1643, 17-01-1643, 04-02-1643, 06-03-1651).

In 1642 voert Aelbert Thonisz Glashorst proces tegen Maeijtgen Jans x Willem Roeloffsz (Recht. Arch. Scherpenzeel 2, fol. 131vo,132vo; 14-02-1642,fol.133,134vo; 07-03-1642).

In 1645 eist de schout een boete van Aelbert Anthonisz Glashorst wegens vechten met Jan Cornelisz, molenaar (Recht. Arch. Scherpenzeel 1, fol. 105voen2, fol. 216,218; 15-12-1645).

Grote Kerk Scherpenzeel, graf nr. 9: AELBERT ANTHONIS VAN GLASHORST ANNO 1648.

In 1646 eist de schout betaling van 4 herenponden boete van Jan Willemsz Roothaer wegens Aelbert Thonisz (Recht. Arch. Scherpenzeel 1, fol. 107, 2,fol.239, 240vo; 21-12-1646).

In 1661 eist Melchior van Wolfswinckel, schout van Cornelis Colaesz, eekmolenaar uit Amersfoort, borg: Aelbert Anthonisz Glashorst, uitvoering vanvonnisvan Hof van Gelderland 27-11-1660. (Recht. Arch. Scherpenzeel 3; 15-10-1660. 16-10-1660. 10-06-1661. 23-09-1661. 30-06-1662. 11-08-1662. 08-09-1662(3x).26-10-1663).

In 1662 draagt Aelbert Thonissen op Glashorst 7 ½ gl. bij tot de reparatie van het leidak van de kerk van Scherpenzeel (HGS 273).

In 1663 schenken Geertien en Jannetien, dochters en Antoni, zoon van Aelbert Teunissen Glashorst geld voor een kroonluchter voor de kerk (Archief GroteKerk1; 22-01-1663).